• REPRISE: STAP VOOR STAP VERDUURZAMEN

    Leestijd: 11 minuten, door Haico van Nunen, Renda (Mei 2020)

    Wat betekent dat voor een individuele woning?

    In deze artikelenserie blikken we terug op stukken die we enkele jaren geleden schreven. Dit keer: stap voor stap verduurzamen. In 2020 was dat nog lang niet zo vanzelfsprekend als nu. Wie renoveerde, moest vooral alles in één keer aanpakken, zo was vaak de gedachte.

    Gelukkig kijken we daar met zijn allen inmiddels anders naar. Stap voor stap verduurzamen is steeds normaler geworden — zolang elke stap maar onderdeel is van een duidelijke route naar het einddoel. Precies dat was de kern van het oorspronkelijke artikel: voorkom losse maatregelen zonder samenhang en werk toe naar het beste resultaat voor de woning, op het juiste moment.

    Ook de oproep aan de overheid om duidelijke doelen te stellen blijft relevant. Inmiddels kennen we de Standaard, die richting geeft aan het prestatieniveau van woningen. En de menukaart en digitale toets waar we toen over schreven, zien we nu terug in onze Integrale Buurtaanpak en de verdere ontwikkeling van de Ikwoon-app. Mooi om te zien dat ideeën van toen inmiddels praktijk zijn geworden.

    Lees meer
  • REPRISE: WONEN ALS INTEGRALE OPGAVE

    Leestijd: 10 minuten, door Haico van Nunen, Renda (Maart 2020)

    In deze artikelserie blikken we terug op eerder verschenen publicaties die nog altijd verrassend actueel zijn. Dat geldt ook voor onderstaand artikel uit maart 2020, waarin de verduurzamingsopgave nadrukkelijk wordt neergezet als een brede woonopgave.
    Sindsdien is de urgentie van verduurzaming alleen maar toegenomen. Tegelijkertijd zien we dat het gesprek nog vaak beperkt blijft tot energie alleen. Daarmee dreigt onderbelicht te blijven dat verduurzaming juist in samenhang kan worden opgepakt met andere urgente woonvraagstukken, zoals woningsplitsing, ouderenhuisvesting, jongerenhuisvesting en het bevorderen van doorstroming.
    De kern is dat verduurzaming niet alleen een technische of energetische opgave is, maar nadrukkelijk ook een volkshuisvestelijke. Juist in die bredere benadering ligt de kans om woningen toekomstbestendig te maken én beter aan te laten sluiten op de woonvragen van vandaag.

    Lees meer
  • REPRISE: BEWUST REDUCEREN

    Leestijd: 11 minuten, door Haico van Nunen, Renda (Oktober 2019)

    In deze artikelserie grijpen we terug op eerder geplaatste artikelen. Helaas is de vooruitgang nog niet zo groot als we gehoopt hebben.

    In het onderstaand artikel uit Renda (oktober 2019) ga ik in op het bewustzijn om CO2 te reduceren. Voor veel Nederlanders is het namelijk helemaal niet helder dat er iets moet gebeuren op dat gebied. We zijn veel in gesprek met gemeenten en corporaties om woningverduurzaming op te zetten, maar de grote vraag daarbij is waarom zou een bewoner mee doen? Zij ervaren op dit moment geen probleem. Maar uiteindelijk betalen ze er wel voor, rechtstreeks of via de huur.

    Dit artikel gaat in op kleine dingen die bewustwording vergroten. Door kinderen op scholen te informeren, door samenwerking tussen opleidingen en de stad te promoten of juist door het zichtbaar maken van uitstoot, met als onderliggende reden om de aandacht te vergroten.  In de tussentijd is hier nog steeds niet zo veel veranderd, en daarmee is dit artikel nog steeds actueel.

    Lees meer
  • De stille opgave: 4,75 miljoen particuliere woningeigenaren

    Leestijd: 8-12 minuten, door: Yuri van Bergen & Laurens Talsma

    In de jaren ’70 werden er jaarlijks zo’n 100.000 tot 150.000 nieuwe woningen opgeleverd. Vandaag de dag is een productie van 65.000 nieuwbouwwoningen al hele opgave. De jaren ’70 markeerden een periode van duurzaam denken, burgerinitiatief en systeemvernieuwing—maar vooral van een nieuwe blik op wonen en werken. Het was de tijd van het maakbaarheidsgeloof: het idee dat beleid, planning en samenwerking de samenleving daadwerkelijk konden vormen.

    Dankzij grootschalige nieuwbouw—zoals in Almere, waar in 1975 de bouw van de eerste woningen startte—liet die schaal, gecombineerd met beschikbare capaciteit, zien dat opschaling tot prijsvoordelen én versnelling kon leiden. In dezelfde periode ontstond, mede door achterstallig onderhoud, de behoefte aan onafhankelijke bewonersdeskundigen die op wijk- en buurtniveau plannen ontwikkelden om zowel de technische kwaliteit als de leefbaarheid te verbeteren. Ondanks de groeiende professionaliteit van (sociale) woningcorporaties als initiatiefnemers — namens of samen met de buurt — kwamen langdurige uitvoeringsprogramma’s echter zelden echt van de grond. Hoewel er serieuze alternatieven werden ontwikkeld voor traditioneel onderhoud en sloop/nieuwbouw, bleef brede toepassing van renovatieoplossingen uit.

    Tegelijkertijd groeide het inzicht in de opgaven die nog zouden volgen, zoals de verbetering van de naoorlogse woningvoorraad. Deze opgave, die vele malen groter is in aantallen woningen, riep fundamentele vragen op over hoe deze met beperkte capaciteit kon worden aangepakt, zeker met het besef dat duurzaamheid en ruimte voor individualiteit steeds bepalender zouden worden voor zowel de vraag als het aanbod.

    En precies nu, met een dagelijks oplopend woningtekort en de klimaatdoelen 2050 steeds verder uit zicht, vraagt de bestaande voorraad van 8,2 miljoen woningen om een aanpak die wél werkt. Dat betekent: niet een nóg beter aanbod ontwikkelen, maar beginnen bij het organiseren van continuïteit in de vraag.

    Dit artikel is het vervolg op Componenten-treintjes en Menukaarten, waarin we pleiten voor het benutten van wat al werkt: denken in componenten en werken met gestandaardiseerde keuzemodellen die aansluiten bij de wensen van bewoners.

    Lees meer
  • Componenten-treintjes en Menukaarten

    Leestijd: 5-6 minuten, door: Yuri van Bergen & Laurens Talsma

    Een werkbusje draait een doorsnee woonstraat in. Vijf vakmensen die rustig hun koffie opdrinken voordat ze beginnen aan de klus. Wat ze gaan doen lijkt alledaags, maar is in werkelijkheid onderdeel van iets veel groters. De huizen waarin ze aan de slag gaan – jaren ’50 en ’60-woningen uit de wederopbouwperiode – staan in vrijwel elke Nederlandse stad of dorp. De woningen zijn technisch verouderd, maar bouwkundig sterk genoeg om nog decennia mee te gaan. Mits grondig gerenoveerd en verduurzaamd.

    Lees meer