Gaming the real world

Leestijd: 5 – 6 minuten, door: Yuri van Bergen en dr. ir. Haico van Nunen

Het verduurzamen van de gebouwde omgeving loopt niet zo voorspoedig als gepland. Bijzonder is dat de beschikbaarheid van geld, technologie of arbeid hierbij niet eens de grootste opgave is. Volgens mij is het grootste probleem dat er vele uitdagende opgaven tegelijkertijd aangepakt moeten worden: het is een ‘Wicked Problem’ (1) Hoe lossen we dit op? Ik denk dat het slimmer inzetten van technologie een goede eerste stap kan zijn.

Met het technisch verbeteren van woningen alleen, of het nou gaat om renovatie, sloop/nieuwbouw of alleen het toepassen van enkele ‘duurzame’ maatregelen, kom je niet tot een sociale en economisch gezonde buurt. En wanneer dit mist heeft duurzaamheid weinig kans. Laat ik een voorbeeld noemen. Op dit moment wordt erdoor een woningcorporatie en gemeente samen een wijk van meer dan duizend woningen voorbereid voor renovatie. Daarbij valt de technische opgave in het niet bij de maatschappelijke opgaven die al lang spelen. Opgaven zoals (jeugd-) werkeloosheid hebben een hoge prioriteit. Maar de programma’s om de jeugd te bereiken en op te leiden, om mede de inkomenspositie in de wijk te verstevigen, hebben het zwaar. Deze groep wordt moeilijk bereikt en het aantal beschikbare leerwerkbedrijven in de buurt is beperkt.

Maar door slim gebruik te maken van nieuwe technologie hebben we de kans om ons te focussen op die personen en huishoudens die dit het hardste nodig hebben. Deze technieken die vraag en aanbod dichter bij elkaar brengen lossen  vanzelfsprekend niet alle problemen op maar misschien ontstaat er een klein beetje ruimte om op termijn de sociaaleconomische en duurzame balans in de buurt te herstellen.

In de jaren ’70 en ’80 tijdens de stadsvernieuwing woonden er 13,5 miljoen mensen in Nederland. Nu bijna 50 jaar later is dat aantal 17,5 miljoen en nog steeds groeit het aantal mensen. In de jaren zeventig barste het van nieuwe (vaak politieke) idealen zoals het feminisme, de milieu- en de kraakbewegingen. Het grootste renovatieproject van Nederland tot nu toe (genaamd de stadsvernieuwing) bereikte op dat moment haar hoogtepunt. In de schaduw van deze grote (ver-)bouwopgave was er een grote en belangrijke groep actief: de opbouwwerker. Een vak dat ooit aan het begin van de eeuw is ontstaan in Drenthe vanuit het geloof en liefdadigheid voor de naasten te helpen (2). Later probeerden de opbouwwerkers bewoners te activeren om zo het geplande onderhoud en renovatie in goede banen te begeleiden. Tot aan de jaren negentig blijft deze groep wel actief maar verliest haar impact. Voor het opbouwwerk zoals dat toen werd aangepakt moest je wel beschikken over een lange adem. Het was relatief duur aan arbeidsuren en de resultaten waren vaak niet tastbaar voor de zittende bestuurders. Daarom is dit op een gegeven moment op veel plaatsen wegbezuinigd, zoals dat ging en helaas ook nog vaak gaat. In veel steden werden de opbouwwerkers ingevoegd bij de welzijnsorganisatie. De term of functie opbouwwerker wordt nu niet veel meer gebruikt, maar dat wil niet zeggen dat de behoefte eraan niet meer bestaat. Met name in de klassieke volksbuurten die Nederland rijk is, is behoefte hieraan groot! De aandacht van deze personen ligt nu veel meer bij (de onzichtbare) problemen achter de voordeur. Een opgave die misschien wel net zo complex is als de verduurzaming van de geplande duizend te renoveren woningen per dag.

De Mobiele Buurtfabriek

Het genoemde voorbeeld van de buurt met 1.000 woningen staat niet op zich. Het is schakelen tussen de sociale, economische en duurzame uitdagingen die er liggen wanneer we kijken naar de renovatie van de 14 duizend buurten die ons land rijk is. Juist op dit schaalniveau komen enkele van de ’technische’ opgaven samen met de sociaaleconomische uitdagingen. Zo beschikt straks iedere wijk over een eigen ‘Wijk Uitvoerings Plan’. Een plan waarin staat beschreven op welke manier en in welk tempo de gemeente denktCO2 besparing in de wijk te realiseren en de energietransitie handen en voeten te geven. Maar in diezelfde wijk wonen ook nog mensen. Niet alleen mensen die woningen huren maar ook mensen die woningen in eigendom hebben. Misschien zijn die mensen  bezig met het aanpassen van hun bezit en (hopelijk) zijn een gedeelte van die verbeteringen van een duurzame aard. Al is het maar dat de woning door de aanpassing langer kan blijven staan en gebruikt kan worden. Alléén verduurzamen om het verduurzamen vindt nog weinig plaats, het betreft altijd een combinatie van noodzakelijk onderhoud en veranderende woonwensen (vanuit onderhoud, comfort, luxe,…) waaraan je duurzaamheid kunt verbinden. Ondanks dat de beoogde CO2 prestatie nog een flink gat laat zien wat betreft de werkelijk gerealiseerde besparing en de doelen voor de komende 30 jaar, ligt de opgave nu niet bij de techniek. Ondanks de wetenschap dat na de stappen die we op dit moment zetten er nog vele, grotere stappen moeten volgen. Denk hierbij aan energie, materialen, vervoer en industrie. In totaal bedraagt deze bouw gerelateerde CO2 uitstoot meer dan 20% van de totale verduurzamingsopgave (3). Natuurlijk kan industrialisatie van producten en processen een passend middel zijn om verduurzaming betaalbaarder te maken. Men onderkent nu echter ook dat er meer aandacht moet zijn voor een betrouwbaar en beschikbaar aanbod voor mensen om uit te kiezen. Want als het enkel om verduurzamen gaat wordt er nog niet veel gekozen (4).

Het debat op dit moment gaat dan ook nog steeds alleen over de techniek. Maar zonder de integratie van techniek en gebruik, activering van bewoners en verbetering van de sociaaleconomische positie en de  leefbaarheid in de buurt zal het opschalen lastig zijn. Alleen maatregelen om te verduurzamen zullen voor de gebruiker niet snel een reden zijn om tot actie over te gaan. Hoe gaaf je product ook is en ongeacht de eigendomsvorm van de woning. Als de verbetering niet direct iets tastbaars oplevert  komt een bewoner niet in beweging. Gelukkig zijn er partijen die dit inzicht delen. Er leiden immers meer wegen naar Rome, en dat stimuleert innovatie. Alleen de tijd om te leren welke route de kortste is niet beschikbaar. Binnen 30 jaar en met een tempo van duizend woningen per dag zullen alle woningen minimaal eenmaal verduurzaamd moeten worden. Maar duizend verduurzaamde woningen vraagt om vijfduizend mensen die er mee bezig zijn en uiteindelijk 25 duizend mensen die zich gaan oriënteren. Niet iedereen zal namelijk direct tot actie overgaan. En dat dag na dag! Huurders en kopers. Van het isoleren van je vloer tot aan het vervangen van je dak met circulaire dak-producten. Voor de technici en de doeners een walhalla aan productie die op gang moet worden gebracht. Maar voor de mensen in de buurt het begin van een spannende film waarvan het einde nog onzeker is.

Gaming The Real World

Terug naar de inleiding, waarin we stellen dat door slim gebruik te maken van nieuwe technologie we de kans hebben om onze energie te richten op die personen en huishoudens die dit het hardste nodig hebben. De vraag is dus hoe kunnen we eenvoudig en   zo doeltreffend mogelijk, bewoners activeren om hun woning en hun buurt duurzaam te verbeteren zonder aan iedere keukentafel of in iedere buurt dagelijks fysiek zichtbaar te zijn. Het antwoord kan uit een onverwachte hoek komen: die van de gamewereld. Er worden nu al spellen ingezet om mensen in organisaties te activeren en te motiveren (5). Hele virtuele werelden worden ingericht en opgezet. Door zelf aan de knoppen te draaien zie je de impact van je keuzes.  Het is ook mogelijk om spellen te bedenken waarbij mensen gaan nadenken over hun woning en hun buurt en wat zij er aan kunnen doen om hun situatie te verbeteren. Games worden overal met veel enthousiasme gespeeld. Een leuke en spannende game biedt zeker mogelijkheden. In een vervolgartikel gaan we verder in op wat de betekenis hiervan kan zijn voor de verduurzaming van de gebouwde omgeving.

Wordt vervolgd….

Bronnen:

  1. Wicked Problems.
  2. De historie van het opbouwwerk in Nederland, Buurtwijs, Jos van der Lans, februari 2017.
  3. #DuurzaamRenoveren, Openbare Les Hogeschool Rotterdam, Haico van Nunen, 2017.
  4. De Renoveatieversneller, Youtube, januari 2020.
  5. Gaming the Real World, IMDb, 2016.

Deel dit artikel:

mm

Het betaalbaar verduurzamen van bestaande woningen waarbij de bewoners zélf de regie heeft is de opgave waar onze correspondent Yuri zich dagelijks en met heel veel energie voor inzet. Zijn doel is het behoud van onze planeet maar vooral de mensen die daarop wonen. Yuri van Bergen is directeur van BouwhulpGroep, initiatiefnemer van Alliantie+ en tevens hoofdredacteur van deze blog. Hij publiceerde vier boeken gericht op de opgave om duizend woningen per dag te verduurzamen en wordt blij van goede ideeën die ook tot iets leiden!