De Nederlandse duurzaamheidsambities verklaard

Leestijd 3 – 5 minuten, door Haico van Nunen & Thijs van Tetering

Duurzaamheid; momenteel heeft iedereen er (gelukkig) de mond vol van.  Maar er worden nogal wat termen, ambities en akkoorden door elkaar heen gebruikt. Vaak wordt met CO2 neutraal eigenlijk energieneutraal bedoeld of wordt gedacht dat een gasloze woning ook per definitie CO2 neutraal is. Terwijl hier wel degelijk een groot verschil tussen bestaat. Hoog tijd om, in ieder geval voor de sector gebouwde omgeving, hierin duidelijkheid te scheppen. Tijd voor een rondje langs de velden, vanuit de gedachte waar heeft men het allemaal over?

Wat is de landelijke ambitie?

Nederland heeft in 2015 tijdens de wereldklimaattop het ‘Parijs akkoord’ ondertekend. De uitwerking van dit akkoord wordt op dit moment voorbereid, en zal worden uitgevoerd door onder de vlag van de Klimaatwet. Deze Klimaatwet stelt vast met hoeveel procent ons land de CO2-uitstoot moet terugdringen. In juni 2018 is een voorstel voor de wet ingediend. Dit voorstel gaat uit van 95% minder CO2 uitstoot in 2050 (ten opzichte van het ijkpunt 1990), en een vermindering van 49% in 2030. Deze wet is bedoeld om invulling te geven aan de klimaatdoelen. De doelstellingen voor 2030 worden concreet uitgewerkt in het (ontwerp) klimaatakkoord. Daarin zijn per sector afspraken opgenomen om de CO2 uitstoot te reduceren en te komen tot de eerder genoemde 49% reductie. Het ontwerp klimaatakkoord is momenteel de meest concrete wetgeving omtrent de verduurzaming van de samenleving (zie ook www.klimaatakkoord.nl), waarin acties en doelen per sector geformuleerd zijn. Deze afspraken zijn tot stand gekomen aan de diverse klimaattafels waarbij per sector plannen zijn gemaakt om op thema stappen te maken.

Figuur 1:  Infographic van de voorgestelde acties en doelen voor de sector Gebouwde Omgeving.

Wat zijn de regionale ambities?

In veel Nederlandse regio’s worden energie transitieprogramma’s opgezet, de regionale energie strategieën (RES). In deze programma’s staat beschreven wanneer een regio energieneutraal moet zijn. Vaak ligt dit punt ergens tussen 2030 en 2050. In deze programma’s wordt energieneutraal vaak vertaald als: situatie waarbij de hoeveelheid energie die gebruikt wordt, even groot is als de opgewekte hoeveelheid energie. In tegenstelling tot de klimaattafels moeten de RES-plannen juist wel een integrale visie weergeven. Het is dus een samenvattend plan van de gebouwde omgeving, industrie, elektriciteit, mobiliteit en landbouw.

Duurzaamheid op woningniveau

Op woningniveau gaan er meerdere definities rond van energieneutraal, zelfs door RVO (Rijksdienst Voor Ondernemend Nederland). De meest gangbare definitie van energieneutraal is: het energieverbruik voor de woning (energie nodig voor verwarmen, ventileren en warmtapwater) plus het huishoudelijk verbruik (apparaten, verlichting, etc.) minus de opbrengst van duurzame energie (PV-panelen, zonnecollectoren, etc.) staat gelijk aan nul. Een andere veelgebruikte duurzaamheidsindicator is EPC = 0. EPC staat voor Energie Prestatie Coëfficiënt en hierbij gaat het enkel om woning gebonden energie en niet om huishoudelijk verbruik. Maar let op: de landelijke ambitie wordt uitgedrukt in CO2 besparing. Bij een CO2 neutrale woning dienen de hoeveelheid verbruikte CO2 en opgewekte CO2 binnen een woning in balans te zijn. Dit is niet gelijk aan energieneutraal. De CO2 uitstoot die de verwarmingsinstallatie (bijvoorbeeld een warmtepomp, warmtenet, cv-ketel, etc.) genereert moet dus worden gecompenseerd, bijvoorbeeld met PV-panelen. Een andere duurzaamheidsambitie is een woning van het gas af halen. Gasloos heeft geen directe relatie met energie- of CO2 neutraliteit maar zegt enkel iets over het in de woning toegepaste energiemedium. Door de cv-ketel uit de woning te verwijderen haal je de CO2  uitstoot direct weg. Maar er komt natuurlijk wel altijd iets voor terug. Wanneer een cv-ketel bijvoorbeeld wordt vervangen door een warmtepomp of infraroodpanelen zonder dat er extra wordt geïsoleerd wordt het energieverbruik (en de CO2 uitstoot) juist hoger.

Figuur 2: Uiteindelijk gaat het natuurlijk om de energiebesparing, onafhankelijk van welke rekenmethode wordt gebruikt. In deze afbeelding zie je waar het warmteverlies in een woning optreedt.

Hoe kan deze informatie worden gebruikt om een wijk te verduurzamen?

Op verschillende manieren wordt er gekeken hoe het beste invulling gegeven kan worden aan de energiebesparingsambities. De RES plannen vormen een integrale benadering van alle sectoren: mobiliteit, gebouwde omgeving, landbouw, industrie en elektriciteit. Voor de gebouwde omgeving zijn er 27 wijken aangewezen die als eerste aardgasloos gaan worden. Deze 27 wijken zijn aangewezen door de landelijke overheid en een aantal andere wijken willen zélf graag aardgasloos worden vanuit een lokale ambitie. Aardgasloos staat momenteel voorop en is dus een veelgehoorde ambitie, maar hoe ga je deze realiseren? Afkoppelen van het gas en in iedere woning een warmtepomp is namelijk niet per definitie de beste oplossing.

Wijken bestaan uit een mix van verschillende soorten woningen uit verschillende bouwperiodes. Om deze woningen allemaal naar één van bovenstaande ambities te brengen is een mix van isolatie én installatie nodig. Met de juiste maatregelen kan de warmtevraag sterk worden gereduceerd, en de resterende benodigde energie kan met duurzame installaties worden geleverd. En daarmee kunnen energieneutraal, CO2 -neutraal en EPC = 0 behaald worden. Voor iedere wijk is dé perfecte mix anders. In een ‘Reis door de Wijk’ (1) wordt gekeken wat de beste route is voor een wijk en wat deze route betekent voor de bewoners. In 5 stappen wordt een wijk in kaart gebracht, wordt er draagvlak gecreëerd en worden mét de bewoners de juiste verduurzamingskeuzes gemaakt die passen bij de kenmerken en behoeftes van de woning. Deze benadering kan een hulpmiddel zijn om de aardgasloze wijken te realiseren. En er wordt direct gekeken wat de best haalbare ambitie is: energieneutraal, BENG, CO2 neutraal, NoM of nog een andere ambitie.

Figuur 3: De Reis door de Wijk bestaat uit vijf stappen; waarvan draagvlakontwikkeling (met diverse activiteiten) binnen de wijk een belangrijke is. Deze afbeelding toont een zestal mogelijke activiteiten.

Bronnen / noten:

  1. Neem voor de ‘Reis door de Wijk’ contact op met Alliantie+ via het e-mail adres secretariaat@alliantieplus.com.

Deel dit artikel: